Geen beroepsmatige rechtsbijstand, geen kostenvergoeding
Om in aanmerking te komen voor proceskostenvergoeding moet de verleende rechtsbijstand beroepsmatig zijn. Van beroepsmatig verleende rechtsbijstand is volgens vaste rechtspraak sprake als het verlenen van rechtsbijstand door de rechtsbijstandverlener een vast onderdeel vormt van een duurzame, op het vergaren van inkomen gerichte taakuitoefening. Waar het om gaat, is dat het verlenen van rechtsbijstand behoort tot iemands beroepsmatige taak.
Bezwaar gemeentelijke heffingen
Een man maakt bezwaar tegen zijn aanslag voor lokale heffingen, waaronder de onroerendezaakbelasting en rioolheffing. Tijdens de bezwaarprocedure vernietigt de gemeente een deel van de aanslagen. Toch weigert de gemeente een proceskostenvergoeding toe te kennen. Zij stelt dat de gemachtigde van de man geen beroepsmatige rechtsbijstand verleent, omdat hij telkens gelieerde personen met dezelfde achternaam vertegenwoordigt.
Gemachtigde
De man gaat hier niet mee akkoord en gaat in beroep. Dat zijn gemachtigde familie is, hoeft er volgens hem niet aan in de weg te staan dat de rechtsbijstand kan worden aangemerkt als door een derde verleend. De man geeft aan dat zijn gemachtigde een professioneel kantoor is, vier mensen in dienst heeft en de grootste adviseur is van diverse supermarkten, drogisten en slijterijen. De gemachtigde geeft aan lid te zijn van Fiscount Adviesgroep en van Register Belastingadviseurs. Tevens leggen zij een uitspraak van een andere gemeente over, waarbij wel proceskostenvergoeding werd ontvangen.
Buiten familiekring?
De rechtbank oordeelt dat de man onvoldoende aannemelijk maakt dat zijn gemachtigde ook buiten familiekring op duurzame wijze zijn diensten aanbiedt. Dat hij vanwege privacy verder geen informatie over zijn andere cliƫnten kan geven, vindt de rechtbank onvoldoende. De rechtbank ziet niet in waarom het niet mogelijk zou zijn om aan de hand van andere informatie dan persoonsgegevens een concreter beeld te geven van de (omvang van de) gestelde, duurzame beroepsuitoefening. De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en wijst een proceskostenvergoeding af.