< Naar overzicht
26-02-2026 Nieuws

Ongerealiseerd rendement onderdeel werkelijk rendement box 3

Een man doet aangifte inkomstenbelasting over 2020 en 2021. Uit zijn aangifte blijkt dat hij een aanzienlijk inkomen uit sparen en beleggen (box 3) heeft. De Belastingdienst legt een aanslag op die gebaseerd is op de ingediende aangifte. De man gaat hiertegen in bezwaar, waarop de inspecteur, met inachtneming van het kerstarrest, de aanslag verlaagt. De man blijft echter van mening dat zijn werkelijke rendement lager is dan het berekende rendement en gaat in beroep. Ter onderbouwing van zijn werkelijk rendement vult hij voor beide jaren formulieren ‘opgaaf werkelijk rendement’ (OWR) in.

De rechtbank beoordeelt deze opgaven en stelt dat de man een onjuiste aanpak hanteert. De man houdt namelijk ten onrechte geen rekening met vermogenswinsten op de effectendepots en met het gerealiseerde en ongerealiseerde rendement van de overdracht van een zakelijke effectendepot naar privé. Volgens eerdere rechtspraak van de Hoge Raad moeten dergelijke winsten wel worden meegenomen bij de berekening van het werkelijke rendement. Daarom concludeert de rechtbank dat het forfaitaire rendement, zoals vastgesteld in de aanslagen, correct is.